Wat als het bestuur van Lions 35 jaar geleden had toegestaan om aan het vierde elftal een uitzonderingspositie toe te kennen? Was SC Flamingo er dan ooit gekomen? Vermoedelijk niet. Bestuurders van de Leeuwarder horecasportclub zitten in 1990 evenwel niet te wachten op een vereniging binnen de vereniging en dat is tegen het zere been van de spelers van Lions 4. Deze mannen – allen van buitenlandse komaf – hoeven niet zo nodig hun kunsten te vertonen in een eerste of een tweede elftal, ze willen gewoon lekker samen tegen een balletje trappen. Als dat niet langer bij Lions kan, dan moet maar een eigen vereniging worden opgericht.
Met Rob Karamat en Dewa Jaikaran als aanjagers ziet SC Flamingo op 9 april 1991 het levenslicht. Officieel is Flamingo een vereniging voor voetballers die zich bij de andere clubs in Leeuwarden niet thuis voelen, met leden van Surinaamse, Marokkaanse, Turkse, Joegoslavische, Antilliaanse en Somalische origine krijgt de nieuwbakken club van meet af toch vooral het etiket multicultureel opgeplakt. Misschien wel daarom juicht de overheid het initiatief zo hartstochtelijk toe. Een veld is opvallend snel geregeld, al is Flamingo met de knollentuin zonder kantine aan het Bisschopsrak allerminst gelukkig. Beter wordt het in 1993 als de vereniging een van de bijvelden aan de Jachthavenstraat krijgt toegewezen. Daar op sportpark De Greuns zullen de eerste successen van de jonge vereniging plaatsvinden. In 1995 – Flamingo telt dan vier seniorenteams en een jeugdploeg – wordt het vlaggenschip kampioen van de derde klasse van de FVB. Een mooie mijlpaal die in de bescheiden kantine tot in de late uurtjes wordt gevierd. Wie denkt dat het dan allemaal hosanna is slaat de plank mis.
Vanaf het eerste begin haalt SC Flamingo de kranten vanwege de minder fraaie randverschijnselen. De lontjes onder de vaak temperamentvolle leden van de multiculturele smeltkroes zijn kort, een gevolg van de racistische opmerkingen die de voetballers om de oren worden geslingerd, zo beweert men bij Flamingo. Zeker op het platteland wordt de kleurrijke loot aan de Friese voetbalboom met argwaan bekeken. Strafzaken rondom SC Flamingo stapelen zich in rap tempo op. Wanneer in 1995 een wedstrijd tegen WWS wordt gestaakt omdat de scheidsrechter van dienst wordt gemolesteerd is de laatste waarschuwing reeds daar. Minstens zo zorgwekkend is dan de financiële situatie van de vereniging. Vrijblijvendheid is de charme van Flamingo, tegelijkertijd vormt dit een serieuze bedreiging. De ledenadministratie is een janboel, contributies worden maar mondjesmaat betaald.
‘Ondergang dreigt voor SC Flamingo’, zo schrijft de Leeuwarder Courant in september 1996. Tachtigduizend gulden bedraagt de schuld, per onmiddellijke ingang heeft de KNVB hierom alle Flamingo-teams uit de competitie gehaald. Interim-bestuurder Joan Tiekstra ziet het somber in, toch weet de club tegen alle verwachtingen in te overleven. Sponsoren en sympathisanten hoesten vijftienduizend gulden op, hoe de rest van de schuld wordt weggewerkt zal nooit bekend worden, al is het een publiek geheim dat de gemeente op de achtergrond een aardig handje heeft geholpen.
Misschien is dat maar goed ook want er zijn betere jaren op komst voor Flamingo. Er is geleerd van het verleden, het aantal gestaakte wedstrijd vermindert drastisch. Wat helpt is dat tegenstanders een bezoek van of aan de Leeuwarder club met internationale allure steeds meer leren waarderen. Op de Midwintercup in de Friesland-hallen ontpopt Flamingo zich elk jaar tot een smaakmaker van het zuiverste water. Goede PR is het ook zeker dat Flamingo in 1997 gastheer is van het Kleurrijk Voetbalfestijn, een toernooi met onder de deelnemers louter gekleurde elftallen. Met de geur van exotische hapjes, swingende muziek langs de zijlijn en zomers uitgedost publiek wordt het een feest van jewelste.
Ook in prestatief opzicht doet Flamingo van zich spreken. In 1998 viert het vlaggenschip, met spelers als Randy Bletterman, Prem Ganpat en leden van het eerste uur Anil Ramsaroep en Trimo Kasyo haar tweede kampioenschap. Pas echt goed komt de wind er onder na de eeuwwisseling. Gevoetbald wordt er inmiddels aan het Kalverdijkje, waar naast het speelveld een prachtig clubhuis met kleedkamers en een kantine op de verdieping verrijst. Met de Schot James Docherty en Marc van Eijk als roergangers komt Flamingo in een opwaartse spiraal terecht die de club de ene na de andere promotie oplevert. Enorm is de ontlading als Khanh Nguyen op 10 mei 2008 Flamingo met een rake strafschop langs Anjum schiet. Zeventien jaar na de oprichting is de jongste club van de provincie terecht gekomen in de derde klasse.
SC Flamingo staat op de kaart. Van de plannen om eindelijk een gedegen jeugdafdeling op poten zetten wordt werk gemaakt. Wijd en zijd wordt het initiatief om een gratis voetbalschool te beginnen, bedoeld voor de jeugd uit de wijken Heechterp-Schieringen, Bilgaard en de Vrijheidswijk – waar een groot gedeelte van de Flamingo-achterban huist – toegejuicht. Tientallen kinderen hebben de middag van hun leven als Cambuur-spelers als Nassir Maachi en Oguzhun Turk op komen draven aan het Cruyff-court aan de Gaspeldoornstraat.
Allemaal positieve ontwikkelingen, merkwaardig genoeg zal het vanaf 2008 in sneltreinvaart bergafwaarts gaan met Flamingo. Wat naast de vele bestuurlijke wijzigingen in dit proces zeker een rol speelt is dat er van overheidswege wordt aangedrongen om het Leeuwarder voetballandschap toekomstbestendiger te maken. Leeuwarden, Rood Geel en Nicator ziet de gemeente het liefst fuseren tot één grote vereniging, kleinere clubs als Lions en Flamingo zullen het zelfstandige ook niet overleven, zo wordt gezegd. Tevens zullen de bestaande sportparken op de helling gaan. Hiervan wordt Flamingo het grootste slachtoffer: in 2011 moet het de velden afstaan aan de hockeyclub.
Munitie om te protesteren heeft Flamingo nauwelijks. In sportief opzicht zijn de vette jaren achter de rug. Marc van Eijk voorspelt in 2008 dat zijn team in de derde klasse mee gaat draaien. Hoewel het technisch vaardige, altijd op de aanval spelende Flamingo op het respectabele niveau vaak verfrissend voetbal laat zien, komt die verwachting niet uit. Flamingo degradeert en wat volgt is een leegloop die ervoor zorgt dat het hoogste seniorenteam in 2010 weer terug is in de voetbalkelder. Het ledenaantal – dat op het hoogtepunt 23 nationaliteiten en rond de 130 voetballers telt – is op dat moment meer dan gehalveerd.
Na enkele jaren radiostilte trekt Flamingo in 2014 in bij Lions. Daar zal het nog vier seizoenen op zondag wedstrijden spelen, tot in 2018 de stekker definitief uit de veldafdeling gaat. De focus komt dan volledig te liggen op de best succesvolle zaalafdeling. Met negen teams heeft die tak aardig wat spek om de botten, al zal ook daar snel verandering in komen. In een tijdsbestek van twee jaar wordt het aantal teams gereduceerd tot drie, de Coronajaren zorgen ervoor dat ook die laatste ploegjes van toneel verdwijnen.
Iets meer dan dertig jaar na de oprichting sterft SC Flamingo een stille dood, een lot dat na het millennium veel multiculturele verenigingen treft. Waar in de noordelijke provincies een einde kwam aan het bestaan van vergelijkbare clubs als SV Maluku, Macedonië, Amboina, Club Italiano en Maesa’87, gingen elders in den lande minderheidsverenigingen als Turkyiemspor, Chabab en Magreb’90 ter ziele of fuseerden. Dit hoeft allerminst als een negatieve ontwikkeling te worden uitgelegd. Leden van de verdwenen clubs bleven vaak aan het voetballen, zochten en vonden aansluiting bij andere verenigingen. Integratie heeft wat dat betreft zijn werk gedaan. De wens om een geheel eigen voetbalclub op te richten leeft anno 2025 kennelijk nauwelijks meer onder minderheden.
Bronnen:
Boek 90 jaar Fries Voetbal (Hans Bakker, 1994)

Oprichter Rob Karamat in 1994 met de eerste selectie van SC Flamingo.

Op 25 mei 1997 vindt op het Flamingo-veld op sportpark De Greuns het Kleurrijk Voetbalfestijn plaats, een toernooi voor multiculturele elftallen. Het zal een gebeuren zijn dat Flamingo na enkele roerige jaren uitstekende publiciteit oplevert. Op de foto toont Simon Aronds, met de bescheiden kantine van Flamingo als decor, zijn voetbalkunsten.

Groot is de treurnis als Flamingo in 2011 het zo gekoesterde sportpark aan het Kalverdijkje af moet staan aan de hockeyclub. Op de foto het speelterrein met op de voorgrond de kantine.

Met Marc van Eijk, oud-profvoetballer van SC Heerenveen en Veendam aan het roer behaalt SC Flamingo tussen 2005 en 2008 de grootste successen. Met drie opeenvolgende promotie komt de dan nog piepjonge vereniging in de derde klasse terecht.

In 2018 levert de zaalafdeling van Flamingo op het OFK in Franeker een prima prestatie door een tweede plaats te behalen. Op de foto het succesvolle gezelschap met aanhang.

Het idee om een gratis voetbalschool te beginnen voor jeugd uit de wijken Heechterp-Schieringen, Bilgaard en de Vrijheidswijk, komt rechtstreeks uit de koker van enkele Flamingo-leden. Hoewel het initiatief zeer wordt toegejuicht, zal het uiteindelijke doel – het op poten krijgen van een jeugdafdeling – voor Flamingo geen gestalte krijgen.

Een van de laatste eerste elftallen van SC Flamingo.