Nooit zal het op sportpark ’t Meertenrust in Warfstermolen drukker zijn dan op 2 mei 1998. Van heinde en verre trekken voetballiefhebbers die dag naar het in het niemandsland tussen Fryslân en Groningen gelegen voetbalveld, zelfs de cameraploeg van Omrop Fryslân is aanwezig. Op het programma staat de kraker De Lauwers-Oostergo, inzet is de titel in derde klasse B. Met twee punten voorsprong hebben de bezoekers aan een gelijkspel genoeg. Een fraaie uitgangspositie, maar gerust op een goede afloop zijn de vele meegereisde supporters uit de dorpen Ee, Engwierum en Oostrum allerminst. Daarvoor ligt het trauma van een jaar eerder nog te vers in het geheugen.
In 1997 lijkt Oostergo na twee opeenvolgende promoties – de eerste met Piet Bosma als roerganger, de tweede met Theun Teitsma als eindverantwoordelijke – linea recta door te stoten naar de tweede klasse. Twee wedstrijden voor het competitie-einde bedraagt de voorsprong op de achtervolgers zes punten, dat kan haast niet meer misgaan dus. Daarom is het op de sportvelden in Ee een drukte van belang als Oostergo op de voorlaatste speeldag bezoek krijgt van Veenhuizen. Alles verloopt voor de kleibewoners volgens plan als Durk Tuinenga er na een halfuur 1-0 van maakt. Na de helftwisseling gebeurt waar de aanhang van de zenuwachtig spelende thuisclub al een tijdje voor vreest. In korte tijd scoren de voetballers uit het Drentse gevangenisdorp driemaal, voor de in de bestuurskamer klaar staande kampioenbloemen moet derhalve een andere bestemming worden gevonden.
Met nog een wedstrijd te spelen is er geen man overboord, maar dat Oostergo het kampioenschap niet cadeau gaat krijgen weet trainer Theun Teitsma maar al te goed. Tegenstander in de slotronde is streekgenoot Anjum. Laat dat net de club zijn waar Teitsma zeventien jaren in het eerste elftal speelde. Er staat voor Anjum niets meer op het spel, toch zal het er op eigen veld alles aan doen om het feest van de rivaal te verpesten, zo voorspelt Teitsma aan de verslaggever van de Leeuwarder Courant. Met die voorspelling blijkt de oefenmeester het precies bij het juiste eind te hebben.
De Anjummers voetballen alsof hun leven er vanaf hangt. Zelfs als Arjen Hoekstra Oostergo direct na de pauze op een 1-2 voorsprong zet weigeren de gastheren het hoofd te buigen. Halverwege het tweede bedrijf wordt dat met rap opeenvolgende treffers beloond. In de 3-2 stand die dan op het scorebord komt te staan komt geen verandering meer. De zo onoverbrugbaar lijkende voorsprong van Oostergo is bij het scheiden van de markt in rook opgegaan. Nog steeds kan de titel behaald worden, dan moet er in een beslissingswedstrijd op het neutrale terrein van Kollum afgerekend worden met Grijpskerk. Dat lukt niet. Voor de derde zaterdag op rij glipt een uniek kampioenschap Oostergo door de vingers. Het Grijpskerk van regisseur Ron de Boer wint na verlenging met 2-1. Zonder periodetitel op zak is het voor Oostergo einde seizoen.
Terwijl zijn medespelers de tranen niet kunnen bedwingen weet aanvoerder Theo van der Meij tegen de verslaggever van het Friesch Dagblad uit te brengen dat het een geweldig seizoen was, maar dat het einde zo wel wat sneu komt. Een anticlimax is het ook zeker voor oefenmeester Theun Teitsma. De club wilde graag met hem verder, hijzelf was ook van plan te blijven, maar door het ontbreken van de vereiste papieren moet er afscheid van elkaar genomen worden. De verloren finale tegen Grijpskerk is hierdoor Teitsma’s zwanenzang.
Aan Sije Heidstra de taak om na de zomerstop de scherven bijeen te rapen. In het verleden grote successen vierend bij clubs als Friese Boys, Buitenpost en Be Quick Dokkum lijkt de Westereender koopman voor een klus als dat de geschikte persoon. Oostergo is de klap van de gemiste titel snel te boven. Als de jaargang 1997/1998 begint schieten de roodgelen uit de startblokken. De ene na de andere klinkende zege wordt behaald, opvallend is het grote gemak waarmee de doelpunten wordt gemaakt. Peter Braaksma, Arjen Hoekstra, Dirk Tuinenga, stuk voor stuk halen ze een gemiddelde van bijna een doelpunt per wedstrijd. Met grof geweld worden de tegenstanders afgeschud, slechts één ploeg houdt de titelrace tot de laatste snik vol en dat is De Lauwers. Alsof regisseur Alfred Hitchcock het vooraf bedacht heeft is exact deze club de tegenstander in de laatste speelronde.
Gezien de gebeurtenissen van een jaar eerder is het logisch dat menig Oostergo-supporter in de week voorafgaand aan de finale zwetend wakker wordt. Het wordt er allemaal niet beter op als topschutter Durk Tuinenga tijdens de donderdagavondtraining zijn enkelbanden scheurt. “It sil dochs net”, dat is wat er uit vele kelen klinkt als De Lauwers twee dagen later voor een duizendkoppig publiek al na vier minuten op voorsprong komt dankzij Iko Kuipers. Toch komt het uiteindelijk niet tot een nieuw trauma voor Oostergo. Atze de Boer, Sjoerd Talstra en Arjen Hoekstra buigen de achterstand om in een 1-3 overwinning. Met een jaar vertraging is het dan toch echt zover: Oostergo gaat naar de tweede klasse!
Dat avontuur zal Oostergo aan moeten gaan zonder het naar Harkemase Boys vertrokken talent Arjen Hoekstra. Oostergo komt er rap achter dat de tweede klasse andere koek is. Er worden soms best aardige resultaten behaald, zo vertrekken clubs als Heerenveense Boys en Buitenpost zonder punten uit Ee. Toch is het voor Heidstra en de zijnen een constant gevecht met het degradatiespook. Wanneer in de slotronde wordt verloren van het al wekenlang gedegradeerde Opende is Oostergo veroordeeld tot het spelen van handhavingswedstrijden. In dat ongewilde toetje knapt de laatste strohalm tot lijfsbehoud. Met een feestuitslag van 7-0 blijkt het Winsumer Viboa voor de gehavende manschappen van Sije Heidstra een meedogenloze beul.
De degradatie van 1999 luidt voor Oostergo het einde in van een bijzonder succesrijke periode. De tweede klasse bleek een stapje te hoog, al mag in 2010 nogmaals een poging gewaagd worden op dit respectabele niveau wanneer het dan door Johannes Douma getrainde keurkorps zich via de nacompetitie omhoog knokt. Net als een decennium eerder blijft ook nu het verblijf in de tweede klasse tot een jaar beperkt, dat die klasse überhaupt wordt behaald is een succes op zich.
Successen als dat lijken anno 2025 voor Oostergo 1 mijlenver weg. Voor het derde seizoen op rij wordt er gevoetbald in de kelderklasse. Getuige de roemloze elfde plaats die momenteel wordt ingenomen heeft Oostergo het lastig zat. Zo nu en dan staan er best aardige talenten op daar op sportpark De Streng, meer dan eens worden die door hoger spelende verenigingen uit de regio weggekaapt. Dat was al zo in de tachtiger jaren toen Piet Wiersma zich via de jeugdafdeling van Oostergo en Be Quick Dokkum naar een contract bij FC Groningen voetbalde en Johan Knoop bij “de Blauwkes” van Buitenpost uitgroeide tot een goalgetter van het zuiverste water. Dat was ook in later jaren het geval toen talenten als Arjen Hoekstra, Halbe Mossel en Simon Schreiber het (tijdelijk) hogerop zochten.
Het zal altijd het lot blijven van een kleine dorpsclub als Oostergo. Juist daarom moet er bovenal met trots worden teruggekeken op gloriejaren zoals die tussen 1994 en 1998 plaatsvonden. Dat de successen zoals destijds niet vanzelfsprekend zijn en er zomaar weer een paar magere jaren voor de deur kunnen staan, dat weet men in Ee en omstreken inmiddels maar al te goed.
Foto: jubileumboek vv Oostergo (2014)
Op de foto de kampioensploeg van Oostergo, vlak nadat op 2 mei 1998 tegen De Lauwers de titel is behaald. Zittend voor van links naar rechts: Dirk Tuinenga, Klaas Sipma, Klaas Gjelt de Graaf, Peter Braaksma, Gerrit Mossel, Eeltje Wiersma, Anthony Veendoorp, Staand/Gehurkt van links naar rechts: Sjoerd Talstra, Dirk Wijbenga, Klaas Mossel, Atze de Boer, Gerrit de Jong, Foppe Marten de Haan, Haico Hoekstra, Theo van der Meij. Verzorgster Anneke Tuinenga Boven, links Leidster Rennie Miedema rechts achter Haico Hoekstra is leider Johan Miedema